
Deze keer een bijdrage van mijn collega Rene vd Have:
Ze lijkt helemaal vergeten te zijn, Ida Simons en haar roman 'Een dwaze maagd'. In de bundel 'Onbekende vaderlanders', samengesteld door Frank Dam (uitgave NRC boeken) portretteren dertig verschillende auteurs helden, anti-helden, verschoppelingen en schurken. De reeks begon als serie op de achterpagina van NRC handelsblad. Een van de schrijvers Maarten 't Hart geeft een indringend portret van zijn muze Ida Simons. Na een korte biografische schets waarin hij vertelt hoe Ida als Joods meisje opgroeit in het vooroorlogse Nederland en België en als optredend concertpianiste goede recensies ontvangt, wordt haar carrière door de oorlog abrupt onderbroken. Met haar gezin komt ze na eerst ondergedoken te zijn geweest in Barneveld, in Duitse concentratiekampen terecht waar ze de verschrikkingen weet te overleven en pakt ze na de oorlog haar werk als pianiste weer op. Maar het werk valt haar zwaar en uiteindelijk besluit ze er een punt achter te zetten. Na een diepe depressie begint ze aan een roman.
Door deze inleiding was ik zo geïnteresseerd in deze schrijfster dat ik blij was dat de bibliotheek dit boek op de plank had staan: lenen en direct lezen.
Het boek gaat over een Joods gezin uit Den Haag waarvan de ouders regelmatig in onmin leven. De ruzies kunnen zo oplopen dat de moeder besluit samen met haar dochter een tijdje bij haar familie in Antwerpen te gaan wonen. Dit is een regelmatig terugkerend patroon. Het huwelijk blijft in stand, er zijn ruzies en moeder en dochter gaan weer voor korte tijd naar België. Het boek is geschreven vanuit de ik persoon Gittel en is het verhaal van een opgroeiend meisje met een ironische kijk op de wereld en die leeft in die typisch Joodse cultuur waar contrasten toch kunnen harmoniëren. Ze beschrijft de Antwerpse Joodse zakenwereld, de drukke huishoudens met allerlei verplichtingen en rituelen zijn en waar de vrouwen bij elkaar komen om te spreken over de misstappen van hun vooral mannelijke familieleden. Gittel voelt zich thuis in deze wereld en omdat ze meer dan verdienstelijk piano speelt, wordt ze uitgenodigd door haar overbuurmeisje, dochter van een rijke zakenman om in het huis van haar vader op de Steinway te spelen. Tussen de vader die rijk, machtig en kunstminnend is en de jonge Gittel ontstaat een band van wederzijdse waardering en respect. Hij vertelt haar het bijbelse verhaal van de rijke en dwaze maagden. De dwaze maagden die symbool staan voor vrouwen die niet op de toekomst zijn ingespeeld en uiteindelijk met lege handen komen te staan. Haar overbuurmeisje weet haar op sluwe wijze voor haar karretje te spannen en via Gittels tussenkomst kan zij vluchten naar Engeland waar ze zonder toestemming van de familie trouwt met haar minnaar. De vader van het overbuurmeisje is woedend en verbitterd. Hij neemt dit Gittel kwalijk die als 'een dwaze maagd' achterblijft.
Korte tijd na het verschijnen van de roman overleed Ida Simons.
Door deze inleiding was ik zo geïnteresseerd in deze schrijfster dat ik blij was dat de bibliotheek dit boek op de plank had staan: lenen en direct lezen.
Het boek gaat over een Joods gezin uit Den Haag waarvan de ouders regelmatig in onmin leven. De ruzies kunnen zo oplopen dat de moeder besluit samen met haar dochter een tijdje bij haar familie in Antwerpen te gaan wonen. Dit is een regelmatig terugkerend patroon. Het huwelijk blijft in stand, er zijn ruzies en moeder en dochter gaan weer voor korte tijd naar België. Het boek is geschreven vanuit de ik persoon Gittel en is het verhaal van een opgroeiend meisje met een ironische kijk op de wereld en die leeft in die typisch Joodse cultuur waar contrasten toch kunnen harmoniëren. Ze beschrijft de Antwerpse Joodse zakenwereld, de drukke huishoudens met allerlei verplichtingen en rituelen zijn en waar de vrouwen bij elkaar komen om te spreken over de misstappen van hun vooral mannelijke familieleden. Gittel voelt zich thuis in deze wereld en omdat ze meer dan verdienstelijk piano speelt, wordt ze uitgenodigd door haar overbuurmeisje, dochter van een rijke zakenman om in het huis van haar vader op de Steinway te spelen. Tussen de vader die rijk, machtig en kunstminnend is en de jonge Gittel ontstaat een band van wederzijdse waardering en respect. Hij vertelt haar het bijbelse verhaal van de rijke en dwaze maagden. De dwaze maagden die symbool staan voor vrouwen die niet op de toekomst zijn ingespeeld en uiteindelijk met lege handen komen te staan. Haar overbuurmeisje weet haar op sluwe wijze voor haar karretje te spannen en via Gittels tussenkomst kan zij vluchten naar Engeland waar ze zonder toestemming van de familie trouwt met haar minnaar. De vader van het overbuurmeisje is woedend en verbitterd. Hij neemt dit Gittel kwalijk die als 'een dwaze maagd' achterblijft.
Korte tijd na het verschijnen van de roman overleed Ida Simons.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten