donderdag 16 juni 2011

Wie was D. Coene

D. Coene is een Amsterdamse uitgever die begin 20e eeuw een klein aantal boeken uitgaf. Op internet is er weinig aanvullends over hem te vinden. Er is iets ongerijmds aan deze uitgever. Zijn boeken zijn juweeltjes van versier- en boekbindkunst. Chris Lebeau, Wilhelmina Drupsteen en J.B. Heukelom die toch tot het crème de la crème van de kunstenaars uit die tijd behoorden, werkten mee aan zijn boeken. Zijn auteurs daarentegen krijgen (bijzonder) slechte kritieken. In het tijdschrijft De Boekenschouw, 6e jaargang 1912-1913, krijgt Antoine Barkeij, de schrijver van ‘Het onzichtbare’ er van langs met de volgende kritiek: “Eerlijk gezegd, ik begrijp het boek niet ! Het is duidelijk genoeg dat de schrijver iets hekelt : maar wat, waarom . , . enz.? Inhoud : een scheikundige ontdekt een stof, die voor eenigen tijd het individu, dat haar inneemt, onzichtbaar maakt. De Chemicus sterft ... zijn praeparaat wordt onbewust gebruikt door een dominee die daarna voor de oogen zijner hoorders voor een poos verdwijnt, ofschoon men zijn stem blijft hooren. Eveneens gaat het met den burgemeester. Het volk roept „mirakel" enz. Nog eens, ik begrijp de bedoeling niet ; maar zooals het boek er ligt zal het niemand hinderen, en waarschijnlijk ook niemand vermaken. A. GIELEN.
Ook Theo Thijssen kraakt een schrijver uit Coene's fonds, G. van der Hoeven, auteur van onder meer het Bloemenkindje:
“Als dit boek in de bibliotheek was, zouden de kinderen het noemen: het malle stippeltjes boek. Het is een ‘modern sprookje.’ Dreunend dondergekraak breekt knetterend en hol rommelend los, boven het naargeestige, sombere woud ... Hu! ... een felle lichtstraal! ... Krak-krak! krrràk!!! Bòmmm!!!! ... De helft van het verhaal bestaat uit stippeltjes. Ik onderstel, dat de auteur zulks doet, om den lezer na elk mal gedeelte gelegenheid te geven tot uit-lachen. ‘Telkens nog flikkert het weerlicht ... Rommelend en bommelend sterft weg de zware donder .... (twee regels stippels.) Soms staat midden tusschen de stippels, een niet-modern zinnetje, dat dan bijzonder raar doet:
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Onweer en stortregen namen in kracht toe
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Heusch, 'n goed mensch, die G.v.D. Hoeven, maar hij of zij had niet ‘modern’ moeten doen. THIJSSEN.”


Ook August Heyting een andere schrijver van Coene die politieke geschriften en gedichten schreef, wordt door Joris Eijnatten in een Bilderdijk studie gekarakteriseerd als een ‘mislukte, rechts-nationalistische literator’.

Ja met de inhoud van Coene’s fonds lijkt het goed mis te zijn maar de verpakking is des te beter. Twee boeken uit dit kleine fonds zijn in het Geheugen van Nederland opgenomen, het boek 't Poëetje in blank perkament met goud bestempeld en het sprookje Sneeuwwitje prachtig geïllustreerd met Art Nouveau tekeningen van Wilhelmina Drupsteen. Op het Duitse ebay is een reclame etiket te vinden van D. Coene uit de Nicolaas Beetstraat 128. In de 19e eeuw was het niet ongewoon dat boekbinders een klein papieren etiketje in een der onderhoeken van het voor- of achterplat van een boek plakten. Het dook op in de jaren 1840 tot omstreeks 1890. Daarna is het uit de mode en houdt een enkele boekbinder zich aan deze traditie. Misschien was Coene een boekbinder met contacten in de kunstenaarswereld die met een slechte neus voor schrijverstalent, zich begaf op het uitgeverspad. Hoe het ook zij, Coene blijft intrigeren.

Fonds D. Coene:
De wonderwereld : sprookjesboek
Dähnhardt, Oskar / Coene / 1908

Bloemenkindje : sprookje van goed en kwaad Hoeven, G. van der / Coene / 1906 met tekeningen D. Coene en bandontwerp J.B. van Heukelom.

De groenenkanker aan de universiteiten : een nationaal gevaar : een woord ter bestrijding en genezing
Heyting, A.T.A. / Coene / 1910

Poëetje : de gang van een menschenziel
Hack, Jeanne / Coene / 1907

Liederen en hymnen
Heyting, August / Coene / 1914 Bandontwerp Chris Lebeau

Van dood en leven
Heyting, August / Coene / 1920 Bandontwerp Chris Lebeau

De reien van Vondel : met talrijke esthetische aanteekeningen
Vondel / Coene / 1910 Bandontwerp Chris Lebeau

"'t Partijgedoe" : gematigd onverschillig beschouwd
Ravesteyn, Henk / Coene / 1909

Sneeuwwitje Hoeven,
G. van der Hoeven / D. Coene / 1906 Bandontwerp en tekeningen door W.C. Drupsteen

ABC voor mijne kleinen
Hildebrandt, Marie / D. Coene / 1909

Hollandsch strand
Heukelom, J.B. / D. Coene / 1908

Asschepoester
Hoeven, G. van der / D. Coene & Co. / 1907

Het onzichtbare
Antoine Barkeij / D. Coene / 1912

Diverse Jaarkalenders met tekeningen van Chris Lebeau

zondag 5 juni 2011

Betty MacDonald (1908-1958)

Soms delf je een vergeten boek op. Ditmaal het boek ‘Iedereen kan alles’ van Betty MacDonald (1908-1958). Op Marktplaats werd het aangeprezen tegen een schappelijke prijs. Het boek is in 1951 uitgegeven door P.N. van Kampen, vertaald door Lex Gans en versierd met tekeningen van Fiep Westendorp. Ik was al langer op zoek naar deze titel omdat ik vermoedde dat de oorspronkelijke pentekening uit het boek in mijn bezit is. Ik wilde dit graag bevestigd zien en probeerde het boek te lenen in een bibliotheek maar onze nationale catalogus Picarta en zelfs de grootste bibliotheekcatalogus ter wereld Worldcat gaven voor het lenen van de Nederlandse uitgave niet thuis.

Het boek, keurig verpakt werd door de post bezorgd. Elk van de 17 hoofdstukken opent met een tekening van Fiep Westendorp in de haar karakteristieke stijl, kinderen met wipneusjes, bolle wangetjes en koddige beentjes, oudere dames met benen als luciferstokjes die beschikken over een zekere kwiekheid. Pas bij hoofdstuk 17 vond ik ‘mijn’ tekening in het boek. Het gaf me een wonderlijk gevoel.


Wie was Betty MacDonald? Betty’s was de dochter van de mijnbouwkundig ingenieur Bard die overleed toen Betty 13 jaar was. Ze woonde een groot deel van haar leven in Seattle. Betty was de op een na oudste uit een gezin van 5. Haar oudere zus Mary was de ideeënrijke motor die met haar overwicht op kinderen, Betty wist over te halen tot soms (heel) gevaarlijke spelletjes.
Betty trouwde op 20 jarige leeftijd met de 13 jaar oudere Robert Heskett die na zijn gevechten aan het front in WO I, leed aan een posttraumatische stress stoornis. Heskett mishandelde haar en dreigde haar te verminken of in brand te steken. Samen met haar 2 jonge dochtertjes vluchtte ze bij hem weg, een onzekere toekomst tegemoet tijdens het hoogtepunt van de Depressie. Ze werd opgevangen in het liefdevolle gezin van haar moeder. Zus Mary (links op foto, rechts Betty) was inventief, beschikte over een uitgebreid sociaal netwerk en wist niet alleen haar familieleden maar ook haar vrienden aan werk te helpen. Mary bezat de gave om mensen te overtuigen en haar motto was ‘iedereen kan alles’ dat glod ook voor de verlegen Betty die geen kantoorervaring had. Ze wisselde bijna om de paar weken van werk en pakte van alles aan. Ondanks de armoede die er werd geleden stond haar ouderlijk huis open voor vrienden en kennissen die bleven eten, piano speelden, zongen en literair werk bespraken.
Betty trouwt tijdens de oorlog met Donald MacDonald. In 1945 krijgt ze een telefoontje van zus Mary die haar voor het blok zet door een afspraak te maken met een uitgever en Betty dwingt om te gaan schrijven. Al haar romans zijn autobiografisch, met vaart geschreven, humoristisch van toon. Haar eerste roman ‘The egg and I’ die over haar harde leven op de kippenfarm gaat, is een succes en een 1 miljoen exemplaren worden in een jaar tijd verkocht. De volgende roman is ‘Iedereen kan alles’ en gaat over haar ervaringen op de arbeidsmarkt. Ze schreef ook kinderboeken die populair werden zoals de Mrs Piggle-Wiggle boeken die onder meer door Maurice Sendak werden geïllustreerd. In 1958 overleed Betty op jonge leeftijd aan longkanker.
Haar zus Mary trouwde een Deense dokter en ging vervolgens ook schrijven want inderdaad ‘zij kon alles’.
Als schrijver lijkt Betty nog steeds geliefd, artikelen worden over haar geschreven en er is zelfs een fan site aan haar gewijd.